Oeverzwaluw terug

Mans de Jong

Na vele jaren van afwezigheid is er weer een kolonie met oeverzwaluwen in de gemeente Rucphen ontdekt. Dit keer vonden de vogels een grote berg zand naast de bouwplek van een in aanbouw zijnde nieuwe woning. De eigenaar van de berg zand was op de hoogte en toonde zich zeer verheugd met de aanwezigheid van de vogels. De oeverzwaluw komt voor in gebieden met grote open wateren, redelijk plassen en rivieren, waarlangs, grote zandhopen, steilranden zijn om de nestgangen die soms wel 120 cm diep zijn te graven. Maar ze broeden ook in steilranden die door de mens zijn gemaakt, zoals afgravingen en zanddepots op bouwlocaties. Het is bij wet verboden om de broedkolonies af te graven of te verstoren. Vanaf eind mei worden 4-5 eieren gelegd. De broedduur is 14-17 dagen. Meestal is er nog een tweede legsel, maar vaak in een andere kolonie. Broedt in kolonieverband in zelf gegraven gangen in steile wanden (natuurlijke oevers, afgravingen, grote zandhopen en zanddepots). Omdat kolonieplaatsen vaak tijdelijk van aard zijn, zijn kolonies niet plaatstrouw. De jongen zitten 20-24 dagen op het nest voor ze uitvliegen. Het voedsel bestaat vooral uit laag boven het water vliegende insecten, die in volle vlucht worden gevangen. De soort overwintert in Afrika. Voordat ze naar hun overwinteringsgebieden vertrekken vormen ze grote groepen die vooral slapen in rietvelden.

Deel dit bericht

Facebook
Twitter
LinkedIn
WhatsApp
Print
Email

Laden...

Laden

Laden…